Terwijl Mark Rutte en collega’s in Brussel de Europese begroting niet rond kregen was men in Hamburg een stuk constructiever bezig. Daar vond de eerste Noord-West Europa Conferentie plaats. In het statige gebouw van de Handelskammer Hamburg kwamen een paar honderd ondernemers, beleidsmakers en wetenschappers bijeen uit Noorwegen, Zweden, Finland, Denemarken, Duitsland en Nederland. Opvallend genoeg was het initiatief voor deze conferentie genomen door de Nederlands-Duitse Handelskamer, de DNHK (niet te verwarren met de Kamer van Koophandel overigens).

Op uitnodiging van de DNHK en inhoudelijk gevoed door onder andere het Ministerie van Economische Zaken werd Nederland op de Noord-West Europa Conferentie vertegenwoordigd door TrendStrateeg & Futuroloog Richard Lamb MSc die daar de Megatrends besprak. Hieronder een verslag van deze bijzondere conferentie van zijn hand.

Europa zakt weg
Prof. Hans-Werner Sinn (president van het IFO Institute for Economic Research, München) wist bij aanvang van de conferentie direct de toon te zetten. Na het in beeld brengen van bijvoorbeeld de rente op tienjarige staatsleningen per EU-land over de afgelopen jaren was de conclusie overduidelijk: we’re going down!

Ter toelichting: die rente was van 2001 tot 2007 voor de EU-landen zo’n beetje gelijk rond 5% Voor en na die tijd springt de rente per EU-land echter alle kanten uit. Dat dit vóór 2001 het geval was is logisch, alleen al vanwege de valutaverschillen. De Euro was immers nog niet ingevoerd. De renteverschillen na 2007 zijn het gevolg van de vertrouwenscrisis op de financiële markten met sterk wisselende waarderingen per EU-land door Moody’s en andere rating agencies tot gevolg: vanaf 2007 begon de rente uiteen te lopen van zo’n 1% of lager voor landen als België en Frankrijk tot 10 a 15% voor Spanje, Portugal en Italië. Griekenland spant de kroon en piekte de afgelopen twee jaar op bijna 40% rente! Formele of informele ontkoppeling binnen de EU lijkt de meest daadkrachtige oplossing maar ligt politiek vooralsnog gevoelig.

Recessie = Transitie-Economie
In het verlengde van Hans-Werner Sinn kostte het mij na de pauze weinig moeite om de aanwezigen mee te krijgen in de voorspelling – die ik Nederland sinds 2008 uitdraag – dat wij te maken hebben met een Jarenlang Economisch Zaagtandherstel. Er ging werkelijk een zucht van van verlichting door de zaal op het moment dat ik deze ‘recessie’ omdoopte in de ‘Transitie-Economie’, die zeker tot 2020+ zal aanhouden. Wie de kenmerken van deze Transitie-Economie benut kan zelfs bij economische tegenwind succesvol zijn de komende jaren. Denk voor de kenmerken van de Transisitie-Economie aan trendlijnen als Hyperlocal; Bartering (ruilhandel); Samenredzaamheid en Reduce-Reuse-Repair-Recycle.

Mijn trendlijn ‘Ont-systematisering’ – waarbij consumenten de neiging hebben zich terug te willen trekken uit (financiële) systemen waarin zij als het ware gevangen zitten – leidde tot enige consternatie: het kon toch bijvoorbeeld niet zo zijn dat groepen Zelfstandige Professionals zich als coöperatieve groep samen zou gaan verzekeren tegen arbeidsongeschiktheid, nota bene zonder hier een verzekeraar bij te betrekken? Toch wel: in Nederland en Groot-Brittannië zijn de ‘Broodfondsen’ van ZP-ers inmiddels werkelijkheid geworden. Ook andere verschijningsvormen van ont-systematisering zijn in opmars, zoals het gemeenschappelijk met de buren plaatsen van zonnecellen waarbij de opgewekte energie met elkaar gedeeld wordt om daarmee bestaande woningen vrijwel energieneutraal te maken. De energiebedrijven hebben het nakijken. De aanvankelijke scepsis ten aanzien van de gepresenteerde trendlijn ont-systematisering laat maar weer eens zien hoe moeilijk het voor sommigen is om buiten de kaders te denken. En dat is toch wel handig als je tot een toekomstvisie wil komen…

Noordzee als energiecentrale
Eén van de workshops tijdens de ‘Noord-West Europa Conferentie’ was gewijd aan de overgang van fossiele brandstoffen naar meer duurzame energieopwekking. Daar werd een toekomstvisie neergelegd om de Scandinavische kust; de Noordzee kust en de Oostzee kust als het ware uit te bouwen tot duurzame ‘energiecentrales’. Denk aan windenergie; energie uit algen; golfslag; temperatuurverschillen etc. etc. Het spreekt voor zich dat hier snel consensus over bereikt werd, al was het alleen maar dat de vertegenwoordigers uit Noorwegen, Zweden, Finland, Denemarken, Duitsland en Nederland hierin een gemeenschappelijk belang herkenden om hierbij hecht te gaan samenwerken. Fritz Horst Melsheimer de voorzitter van de Handelskammer Hamburger, sprak zelfs over “Die Renaissance der Küste”. Hij verwacht namelijk dat de beschikbaarheid van veel duurzame energie ook meer bedrijvigheid zal opleveren met daarbij de nodige import- en exportbewegingen via de havens.

Nederland innovatief?
Never waste a good crisis, is een veel gehoorde uitspraak deze jaren. Nederland draait economisch gezien goed mee met de andere vijf landen die tijdens deze ‘Noord-West Europa Conferentie’ de koppen bij elkaar hebben gestoken. Op de internationale ranglijsten doen ‘we’het redelijk goed. Nederland steeg bijvoorbeeld van plaats 7 naar 5 op de Global Competitiveness Index (WEF, 2012) en van plaats 9 naar 7 op the Innovation Union Scoreboard (2011). Met onze gunstige geografische ligging, goed opgeleide bevolking en gunstige fiscale vestigingsklimaat hebben we natuurlijk een mooi uitgangspunt voor het aantrekken van buitenlandse investeringen en zakelijk talent. Wie goed naar de Nederlandse overheid kijkt ziet een herleving van de industriepolitiek. Daarbij zetten de overheid, het bedrijfsleven en kennisinstellingen gezamenlijk de agenda. Voorheen was de overheid sterk sturend, tegenwoordig meer een faciliterende en coördinerende netwerkpartner. Dat is overigens niet helemaal uit vrije wil. Politieke beslissingen hebben namelijk geleid tot budgettaire beperkingen en dat mag best vreemd gevonden worden als men weet dat juist in deze Transitie-Economie tot 2020+ het belang en de impact van bijvoorbeeld innovatie-stimulering groot kan zijn. Nederland als kenniseconomie is nog ver weg. Alleen al omdat er we nog te weinig in slagen om te profiteren van het aanwezige kennispotentieel. Dat komt weer door de relatief lage investeringen in private Research and Development en het tekortschieten van de aansluiting van het onderwijs op de arbeidsmarkt. Het aantal snel groeiende bedrijven en echt innovatieve ambitieuze ondernemers is in Nederland relatief laag ten opzichte van andere landen. Dat is zorgelijk want het zijn juist deze bedrijven die een hogere arbeidsproductiviteit kennen, meer hoogwaardige banen scheppen en ook relatief veel investeren in innovatie. De oplossing ligt in het scheppen van voldoende financieringsmogelijkheden in tijden van krapte voor innovatieve ondernemers zodat zij kunnen bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke uitdagingen. Denk aan uitdagingen zoals vergrijzing, veiligheid, duurzaamheid (biobased, circulaire economie) en de zorg. Dat zijn de groeimarkten van morgen, maar dan is gezamenlijke inspanning vanuit bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheden gewenst. Internationale samenwerking met andere economisch sterke landen uit Noord-West Europa is daarbij een pré.

 

Contact met Richard Lamb naar aanleiding van dit artikel kan via Contact@TrendWatcher.com